
Ons vrijzinnig centrum is ondergebracht in het Liedtskasteel.
Het Liedtskasteel in het Liedtspark, voorheen ook wel het kasteel van de Eindries genoemd,
was het voormalig zomerverblijf van de familie Liedts uit de tweede helft van de 19de eeuw.

EEN BEETJE HISTORIE
Rond 1670 werden de stadsversterkingen te Oudenaarde heraangelegd volgens de plannen van VAUBAN, ingenieur van LODEWIJK XIV. Op de plaats van het huidige LIEDTSPARK werden de kleine woonstjes afgebroken en werd er een bastion gebouwd met omwalling. De vijver midden het park is een restant hiervan. Toen Oudenaarde zijn functie als versterkte stad verloor en het onderhoud van de versterkingen voor de stadskas een te zware last werd, begon men vanaf 1782 met de afbraak en de verkoop van de fortificaties. In 1792 kocht Guillaume Liedts, schepen van Oudenaarde, het domein op de Eindries, dat was vrijgekomen na de afbraak van de stadsversterking van Vauban. De familie Liedts legde op het domein aan de Eindries hovingen aan naar Engels model. Charles Liedts trok er een kasteel op in neoclassicistische stijl. Zijn zoon Amedé Liedts verbouwde het later in 1883 tot een eclectisch kasteel met neorenaissance elementen.
Op de plaats van de verdwenen vestingen werden nu hovingen aangeplant door de familie LIEDTS. Charles Augustin Liedts liet rond 1860 in het park een buitenverblijf bouwen dat als voorloper van het latere kasteel kan worden beschouwd. In 1883 werd door zijn zoon Amedée baron Liedts het bestaande landhuis omgebouwd tot het huidige Liedtskasteel.
![]() |
|
Het is geïnspireerd op de architectuur van de Renaissance, meer bepaald op deze van de Loirekastelen. De architect was E. Vande Vijvere, toenmalig directeur van de Oudenaardse tekenacademie. In de tuin is een romantisch streven waar te nemen. Spijtig genoeg werd de laatste jaren door onoordeelkundig kappen en onverantwoorde aanplanting het oorspronkelijk uitzicht verknoeid. Nochtans blijft het totale somber en gedempt beeld de tijdgeest uit ademen van het einde van de 19° eeuw; het fin-de-siècle gevoel. De kinderloze Amedée baron Liedts, zoon van Charles A., verloor op jonge leeftijd zijn enige zuster en zijn vrouw, die op het kasteel stierf. In 1907 schonk hij het park met zijn aangelanden en het kasteel met zijn kunstbezittingen, ter nagedachtenis van zijn vader, aan diens geboortestad Oudenaarde.
LEGAAT BARON A. LIEDTS
De kinderloze Amedée baron Liedts, zoon van Charles A., verloor op jonge leeftijd zijn enige zuster en zijn vrouw, die op het kasteel stierf.
In 1907 schonk hij het park met zijn aangelanden en het kasteel met zijn kunstbezittingen, ter nagedachtenis van zijn vader, aan diens geboortestad Oudenaarde. (illustraties: de huidige volkstuinen)
In het legaat werd duidelijk gestipuleerd dat de eigendom een publieke functie moest behouden ten bate van de Oudenaardse bevolking en dat specifiek de 1° en 2° verdieping moest ingericht worden als bibliotheek en museum voor de geschonken kunstverzameling. Ook wordt bepaald dat aan de begrenzing van het Liedtsdomein niet mag geraakt worden.
Het kasteel behield zijn volledige inboedel tot de Eerste Wereldoorlog. Bij de Duitse inval in 1914 deed de toenmalige burgemeester beroep op de bevolking om het kunstpatrimonium tegen de oprukkende Duitse invaller te beschermen en voor de plunderende bezetter te verbergen.
Na het beëindigen van de bezetting was het bijzonder codicil met de inventaris verdwenen en werd het gros van de kunstvoorwerpen niet meer terug gevonden.
![]() |
|
Grosso-modo kan van de oorspronkelijke kunstinboedel nog het volgende gerepertorieerd worden :
in het Liedtskasteel zelf : drie familieportretten, marmeren borstbeeld van Ch. Liedts, de schrijftafel van baron Liedts ( onlangs van onder de rommel gehaald in de kelders), de grote tafel uit de eetkamer (de bekleding uit Cordowaans leder is eveneens verdwenen),
op het stadhuis : meerdere schilderijen in de schepenzaal, de stoelen van de schepenzaal, een deel van het zilveren tafelgerei in de zilverkamer, de chinese vazen in het museum, enz.
in het archief : houten boekenkast met speciale inscriptie aan de bevolking van Oudenaarde, de bibliotheek van Ch. baron Liedts (meer dan 4000 kostbare boeken), de unieke muntencollectie van baron Liedts (2215 stuks), enkele schilderijen en etsen die op restauratie wachten.
Volgens getuigenis van de overleden Adelin Liedts, brouwer in de Einestraat en laatste rechtstreekse afstammeling van de familie Liedts te Oudenaarde, is een groot gedeelte van de kunstinboedel in het interbellum in particuliere handen verdwenen zoals : schilderijen, porselein, kostbare boeken, authentieke verdures, de verzameling mineralen.
Volgens zijn gezegde had in deze periode het schepencollege de onhebbelijke gewoonte om verdienstelijk ambtenaren of uittredende burgemeesters en schepenen, als afscheidsgeschenk, en dit om kosten te besparen, een of ander kunstvoorwerp uit het legaat te geven.
TESTAMENT LIEDTS
Onderstaand een uittreksel uit het testament van Amedée baron Liedts, met betrekking tot het "Parc Liedts"; vertaling uit het Frans van de handgeschreven tekst :

Testament en codicillen dinsdag, 9 juli 1907…….
4° Mijn eigendom op de Eyndries, is bestemd, en wordt gelegateerd aan de stad Audenaerde, onder de naam van : Parc Liedts – maar met de verplichting en op voorwaarde, sine qua non! van nooit de begrenzing ervan te wijzigen in om ‘t even welk geval of onder welk voorwendsel ook ! – in het tegengestelde geval , zal de genaamde eigendom op de Eyndries met de bijhorende doening, de Oude Linden, aan de overkant – toekomen aan Alfred Berzé; met alle Familie-souvenirs en Kunstvoorwerpen en – meubilair (zie bijzonder codicil van de Eyndries en Audenaerde)
Het gebouw (Kasteel genaamd) op de Eyndries, zal binnenin (op de verdiepingen) omgebouwd worden tot een museum op de 1ste en 2de verdieping, omvattende een openbare Bibliotheek geschonken door mijn Vader Baron Ch. Liedts en de mijne.
Daarbij, alle Schilderijen, Borstbeelden en Familiesouvenirs, medailles en de verzameling mineralen.
« 5°………
Emilie zal speciaal het Meubilair krijgen van de slaapkamer waar mijn vrouw als martelares stierf ; met de schouwgarnituur.
Hetzelfde geldt voor deze kamer op de Eyndries.………..
Ik herroep alle voorgaande testamenten en codicils.
Aldus eigenhandig geschreven, gedateerd en ondertekend de 9 juli 1907, Brussel
(getekend) Amedée Baron Liedts
Curriculum Charles Augustin Liedts
Oudenaarde 1/12/1802 – Brussel 21/03/1878
Baron sinds 1870
zoon van Laurent, A., J., ontvanger van het burgerlijk hospice van Oudenaarde, en van Jeanne, C. Gheyssens;
echtgenoot van Rose, O., S. De Haen;
twee kinderen, zoon (Amedée, baron) en dochter.
Studies: doctor in de rechten RU Gent, 7/08/1823.
Loopbaan als jurist en staatsman
1823 –1830 advocaat te Oudenaarde
8/10/1830 procureur des Konings aan de Rechtbank van Oudenaarde
1830 – 1831 commissaris van het Voorlopig Bewind aan de Rechtbank te Gent;
19/01/1831 – 1840 voorzitter van de Rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen;
13/04/1841 – 12/08/1845 gouverneur van de Prov. Henegouwen;
12/08/1845 – 17/09/1852 gouverneur van de Prov. Brabant;
1848 –1851 gevolmachtigd minister belast met buitengewone zaken in Den Haag;
1852 – 1861 idem te Parijs;
30/03/1855 – 4/06/1861 gouverneur van de Prov. Brabant;
1861 – 1877 financier, gouverneur van de « Société Générale pour favoriser l’ Industrie Nationale » ;
Politieke en parlementaire loopbaan
11/11/1830 lid van het Nationaal Congres voor Oudenaarde
29/08/1831 – 11/06/1839 liberaal volksvertegenwoordiger arr. Oudenaarde
13/11/1839 – 13/06/1848 idem (vervangen door R. Dhont)
1831 – 1834 secretaris van de Kamer
1835 – 1840 quaestor
1843 – 1848 kamervoorzitter
18/04/1840 – 13/04/1841 Minister van Binnenlandse Zaken
17/09/1852 – 30/03/1855 Minister van Financiên
12/08/1847 Minister van State.
Zakenwereld
1857 – 1858 La Belgique Maritime ( verzekering)
1858 La Belgique, Compagnie Anonyme d’ Assurances contre l’Incendie
1861 – 1877 Société Générale pour favoriser l’Industrie Nationale
1864 – 1869 S. A. de Marcinelle et Couillet
1865 Comp. des Chemins de Fer de Mons à Hautmont et de St.-Ghislain
1865 – 1873 S.A. des Capitalistes réunis dans un But de Mutualité Industrielle
1865 S.A. des Charbonnages de Belle-Vue, Baisieux, Dour et Thulin
1865 S.A. du Charbonnage des Produits au Flénu
1865 S.A. DU Charbonnage de Sacré-Madame
1865 Soc. des Chemins de Fer de l’Est Belge
1865 Soc. du Chemin de Fer de Pepinster à Spa
1865 S.A. des Chemins de Fer du Haut et du Bas Flénu
1865 S.A. du Charbonnage de Monceau-Fontaine et Martinet
1869, 1876 - 1878 S.A. du Chemin de Fer de Dendre-et-Waes et de Bruxelles vers Gand par Alost
1869 S.A. du Charbonnage du Caraninier
1869 Le Phénix
1873 S.A. des Charbonnages St-Hadelin
1876 S.A. des Charbonnages des Grand-Conty et Spinois
Culturele en sociale verenigingen
1839 Lid van de "Commission de Liquidation pour la Réparation des Pertes causées par les Evénements de Guerre de la Révolution"
1840 – 1841 Voorzitter van de "Conseil supérieur d’Agriculture et des Haras"
1849 – 1874 Voorzitter van de "Hoge Raad voor Publieke Hygiëne"
1850 – 1852 Lid van de "Commission de Révision de la Législation sur les Fondations en faveur de l’Instruction et de la Bienfaisance"
1850 – 1852 Lid van de "Commission de Révision de la Législation sur la Discipline judiciaire"
1851 – 1854 Voorzitter van de "Ecole de Médecine vétérinaire et de l’Agriculture de l’Etat à Cureghem-lez-Bruxelles"
1858 – 1875 Voorzitter van de "Commission consultative pour les Questions de Législation et de l’Administration générale"
1861 – 1876 Voorzitter van de "Hoge Raad voor Nijverheid en Handel"
1861 Erevoorzitter van de "Société agricole du Brabant"
1863 – 1874 Voorzitter van de "Caisse de Prévoyance des Sécretaires commuaux et Employés de Commissariats d’Arrondissements"
Lid van het Ontvangstcomité van de "Société royale d’Horticulture de Belgique"
Lid van een vrijmetselaarsloge